De filters worden toegepast...

Over magnetisch heffen


Hefprincipes

Hefmagneten zorgen voor het snel en onbeschadigd verplaatsen en positioneren van ferromagnetische (veelal stalen) werkstukken van verschillende vormen en lengten. Met hefmagneten bespaart u kostbare opslagruimte en tijd.
Voor het oppakken van ferromagnetische objecten worden van oudsher elektromagneten ingezet. Het voordeel van elektromagneten is dat ze grote gewichten kunnen tillen (tot 15 ton), en dat ze schakelbaar zijn. Een nadeel is dat bij stroomuitval de last verloren gaat. Daarom hebben alle elektro-hefsystemen een back-upsysteem dat de last gedurende 20 minuten vasthoudt. Dit back-upsysteem is niet alleen duur, maar moet ook jaarlijks geïnspecteerd worden.
Daarom levert Goudsmit ook schakelbare permanente magneten. Deze houden altijd hun magneetkracht en hebben dus geen back-upsysteem nodig.

De permanente hefmagneten kennen 3 werkingsprincipes:

  1. Handgeschakelde permanente hefmagneten
    Werkingsprincipe: de magneet is uitgevoerd met de krachtige Neoflux® (neodymium) magneet die door middel van een handel of draaiknop de magneet kan kortsluiten zodat hij 'uit' staat en door hem tegen te polen weer 'aan' zet.
    Maximaal hefvermogen: circa 30 000 N per magneet.
    Voor producten zie: Permanente hefmagneten
  2. Pneumatisch schakelbare permanente magneten
    Werkingsprincipe: dit is een Neoflux® (neodymium) magneet in een aluminium huis. Deze magneet wordt door middel van perslucht omhoog en omlaag bewogen.
    Maximaal hefvermogen: circa 435 N per magneet.

            Magneet 'AAN'                                Magneet 'UIT'

     Voor producten zie: Magneetgrijpers en Magvacu combi grijpers

  3. Elektrisch schakelbare permanente magneten
    Werkingsprincipe: het hijsen van een voorwerp wordt gerealiseerd door een permanente magneet, terwijl lossen gebeurt door een elektromagneet die het permanente magneetveld neutraliseert.
    Maximaal hefvermogen: circa 500 N per magneet.
    Voor producten zie: Elektrisch geschakelde permanente hefmagneten voor vlak en rond

Let op: indien u stalen voorwerpen wilt oppakken, kunt u niet volstaan met het kijken naar het gewicht en hierbij een magneet uitzoeken. Uit veiligheidsoverwegingen adviseren wij u eerst goed te kijken naar het te heffen object en de omgeving.


Invloedsfactoren hefcapaciteit

De opgegeven hefwaardes op de site zijn indicaties, gemeten op een schone, vlakke en stalen plaat die dik genoeg is om de magneetkracht op te nemen. Een object dat niet aan deze eisen voldoet, zal dus met minder kracht geheven worden.
De volgende factoren zijn van invloed op de hefcapaciteit:

  1. Oppervlaktecondities
    Magneetkrachtlijnen gaan heel eenvoudig door ijzer, in tegenstelling tot lucht. Daarom is alles wat een ruimte of luchtspleet creëert (zoals vuil, papier, vocht, bramen, roest of verf) tussen een magneet en een te heffen last, van negatieve invloed op de hefcapaciteit van een magneet.
  2. Te heffen materiaal
    Staal met een laag koolstofgehalte, zoals St37, is een bijna even goede magnetische geleider als ijzer. Legeringen bevatten echter niet-magnetische materialen, welke de magnetische geleiding negatief beïnvloeden. AISI304 is bijvoorbeeld een materiaal dat bijna net zo slecht magnetische veldlijnen geleidt als lucht.
    Warmtebehandelingen die de staalstructuur beïnvloeden verminderen eveneens de hefcapaciteit. Hoe harder een staal is, des te slechter is zijn hefcapaciteit en tevens houden geharde stalen vaak enig ‘restmagnetisme’ vast.
    In onderstaande tabel is zichtbaar hoe de hefkracht is bij verschillende materialen:

    Materiaal Hefkracht [%]
    St37 (0,1-0,3% C) 100
    Ongelegeerd St. (0,4-0,5% C) 90
    Gietstaal 90
    Gelegeerd St. F-522 80-90
    AISI430 (magnetisch RVS) 50
    Gietijzer 45-60
    F-522 gehard (60 HRC) 40-50
    AISI304 (RVS/nikkel) 0-10
    Messing, Aluminium, koper, etc. 0
  3. Dikte van te heffen last
    Hoe groter het aantal veldlijnen dat vanuit de magneet door de last kan ‘stromen’, des te hoger is het rendement van de magneet. Als de last een kleine materiaaldikte heeft, dan raakt het materiaal ‘verzadigd’ met veldlijnen en kunnen niet alle van de magneet afkomstige veldlijnen door het materiaal ‘stromen’. Als de te heffen materiaaldikte voldoende is, dan kan de magneet zijn maximale capaciteit benutten. Een grotere materiaaldikte levert dan geen extra hefcapaciteit meer op.
    Een dunne stalen plaat kan dus maar een deel van de magneetkracht opnemen omdat de plaat verzadigd raakt; met als gevolg dat de hefkracht minder wordt.
  4. Magneetcontactvlak op te heffen last
    Indien niet het complete magneetvlak contact maakt met de last tijdens het heffen, dan zal de hefcapaciteit afnemen.
  5. Doorbuigen van te heffen last
    Als een dunne plaat met één enkele magneet opgetild wordt, of als de last veel breder of langer is dan het contactoppervlak van de magneet, zal deze last gaan doorbuigen en van de magneet 'afpellen'. Dit ‘afpeleffect’ geeft een zeer sterke reductie van de hefcapaciteit.
    Hijs dunne platen daarom met meerdere magneten die regelmatig over het hele oppervlak verdeeld worden, en zorg dat het magneet-contactvlak altijd in lijn ligt met de te heffen last en niet dwars op de lastlengte.
  6. Temperatuur van de te heffen last
    Hoe hoger de temperatuur, des te sneller bewegen de moleculen in het staal. Snel bewegende moleculen geven meer weerstand aan een opgelegd magneetveld en daarmee een lagere hefcapaciteit. De gebruikte magneten mogen maximaal tot 80°C belast mogen worden, omdat deze anders blijvend gedemagnetiseerd kunnen raken.
  7. Stapeling van te heffen lasten
    Een magneet is berekend op een bepaalde hefcapaciteit; dit is voor één te heffen last. Een hefcapaciteit voor een plaat van 10 mm dik betekent niet hetzelfde als 2 platen van 5 mm dik! Indien u meer dan 1 plaat / profiel tegelijk wilt heffen, dient u dit altijd duidelijk aan te geven bij bestelling. De specialisten van Goudsmit zullen voor u uitzoeken of en hoe dit op een veilige manier mogelijk is.
    Vaak is het juist ongewenst dat twee of drie platen tegelijk oppakt worden als deze op elkaar liggen. Dit kan gevaarlijk zijn omdat de laatste plaat tijdens het transport los kan raken. Voor dunne platen worden daarom magneten gemaakt met een ondiep veld. Dit is vaak nog niet voldoende en worden er platenscheiders naast de platen geplaatst zodat ze één voor één opgepakt kunnen worden.

Al deze factoren samen verminderen de hefcapaciteit. Om de uiteindelijke afname van de hefcapaciteit te krijgen, dient u de verschillende factoren met elkaar te vermenigvuldigen.


Risicoanalyse

Bij het heffen van voorwerpen moet altijd een risicoanalyse gemaakt worden.
Op plaatsen waar personen gevaar lopen te worden getroffen door een (van een hefmagneet) vallende last of delen daarvan, dient u voorzieningen te treffen die de valafstand tot maximaal 1,5 meter beperken.
Indien u echter een borginrichting aanbrengt die de vallende last opvangt en vasthoudt, dan geldt deze beperking niet. Houd er rekening mee dat het aanbrengen van een dergelijke borginrichting het gebruikersgemak vermindert.

Als er zware lasten geheven worden, moet u ook letten op het slingeren van de last. De gewichten zijn dan zo hoog dat ze niet meer eenvoudig met de hand te corrigeren zijn. Een goed hefsysteem is een combinatie van de magneet, de ophanging en de besturing.

 

Richtlijnen voor het tillen van lasten door personen

Bij het omgaan met te tillen lasten dient u rekening te houden met de richtlijnen voor het handmatig tillen en dragen van lasten door personen:

Personen Vaak heffen en dragen onder gemiddelde arbeidsomstandigheden Af en toe heffen onder gunstige arbeidsomstandigheden 
Mannen 18 tot 25 kg 40 tot 50 kg
Vrouwen 8 tot 10 kg 13 tot 15 kg
Zwangere vrouwen 5 kg 10 kg